Sinds 1 juli 2018 is de nieuwe Arbowet een feit, het basiscontract met de Arbodienst is daarmee verplicht. De overgangsperiode is inmiddels ruimschoots voorbij, de nieuwe regels zijn ingegaan. Helaas zijn er nog steeds bedrijven waar dit (nog) niet geregeld is.
Heeft jouw organisatie al een aangepast arbocontract? Als het goed is, heeft de ondernemingsraad dit inmiddels ter instemming voorgelegd gekregen (art. 27 lid 1d WOR). Zo niet, dan wordt het de hoogste tijd dit aan de orde te stellen in een Overlegvergadering of informeel overleg tussen het dagelijks bestuur van de ondernemingsraad en de directie.

In genoemd basiscontract worden afspraken gemaakt voor de taken waarvoor de werkgever zich, volgens de Arbowet, moet laten bijstaan door kerndeskundigen:
- de ziekteverzuimbegeleiding;
- toetsing van de Risico Inventarisatie en Evaluatie (RI&E);
- preventief medisch onderzoek (PMO);
- toegang tot de bedrijfsarts voor medewerkers;
- aanstellingskeuringen als de werkgever daarvan gebruik maakt.
- overleg en samenwerking tussen arbodienst, preventiemedewerker en ondernemingsraad;
- bezoek van de bedrijfsarts aan de werkplek;
- hoe en waar de medewerker een second opinion kan krijgen;
- hoe en waar de medewerker een klacht kan indienen over de bedrijfsarts;
- de bedrijfsarts moet beroepsziekten kunnen opsporen en melden;
- de bedrijfsarts moet de werkgever kunnen adviseren over preventieve maatregelen om gezondheidsklachten van medewerkers tegen te gaan.
- een contract met een bedrijfsarts voor het ziekteverzuim;
- het PMO;
- aanstellingskeuringen;
- het open spreekuur.
- de bedrijfsarts;
- de arbeidsdeskundige;
- de arbeidshygienist;
- de veiligheidskundige.
Kleine en middelgrote ondernemingen sluiten een ‘vangnet’-contract en nemen de diensten van kerndeskundigen af van een gecertificeerde Arbodienst.
